Groninger Blaarkop


Runderland_ILL_web061_Blakervelderhoeve-02_SAM_7736
Dit dubbeldoelras dankt zijn naam aan de gekleurde plekken rond de ogen, de ‘blaren’. Blaar- en witkoppen waren al bekend in de Middeleeuwen. Ze staan ook vaak in allerlei vachtkleuren afgebeeld op 17e eeuwse Nederlandse schilderijen. In 1874 werd een stamboek opgezet voor de zwarte Blaarkoppen, maar pas in 1931 werden ook de rode Blaarkoppen erkend door het Nederlands Rundvee Stamboek. De rode maken nu de meerderheid uit.

Begin 20e eeuw bestond de Groningse veestapel voor 88% uit Blaarkoppen. Het was toen het grootste en zwaarste rundvee van Nederland. In delen van Utrecht en Zuid-Holland werd het vooral voor de melk gehouden. De in 1986 opgerichte fokvereniging zet zich in voor het behoud van het ras.

In het Westerkwartier, als echte Groningse regio, kun je regelmatig Blaarkoppen aantreffen.

Op de Blakervelderhoeve in Roden, net oostelijk van het Westerkwartier, worden regelmatig staldiners georganiseerd. Tessa en Wim Ram zijn goede gastvrouw en -heer als het gaat om gezelligheid en uitstekend eten op de deel. Inmiddels lopen er op de boerderij ruim tachtig koeien. Voor een groot gedeelte rode en zwarte Blaarkoppen maar ze hebben ook Lakenvelders.

www.blakervelderhoeve.nl